28 februari 2019

Mobiliteitsbudget, een waaier aan mobiliteitskeuzes

 

22 januari 2014. Op die dag dienden wij een wetsvoorstel in om een mobiliteitsbudget mogelijk te maken. Het parlement keurde de regeling definitief goed. Het volwaardige mobiliteitsbudget, een uitdrukkelijke vraag van CD&V, is een budget dat een werknemer kan aanwenden voor verschillende vervoersmogelijkheden zoals tram, bus en fiets. Ze ruilen hun salariswagen in en helpen zo mee aan het verminderen van de vele files. Een bedrijfswagen kan hier deel van uitmaken, maar dan wel één die voldoet aan strenge ecologische criteria.

Wat is het mobiliteitsbudget?

Heel wat werknemers hebben een bedrijfswagen nodig als werkinstrument voor hun job. Anderzijds stellen we vast dat er ook veel werknemers zijn die een (salaris)wagen als extralegaal voordeel krijgen omdat het fiscaal voor werkgevers en werknemers nog steeds interessanter blijft dan een loonsverhoging. Met het mobiliteitsbudget zetten we daar een volwaardig alternatief tegenover.

De essentie van het mobiliteitsbudget is dat de werknemer – als deel van zijn loonpakket – de beschikking krijgt over een virtueel budget dat hij kan gebruiken voor verschillende vervoersmogelijkheden. De werknemer beslist zelf over de invulling van dat budget, in functie van zijn persoonlijke behoeften, mogelijkheden, wensen, … op het vlak van mobiliteit.  En dat op een manier die fiscaal en parafiscaal (sociale bijdragen) interessant is. Een bedrijfswagen – weliswaar een die voldoet aan de strenge ecologische criteria – kan daar ook nog steeds deel van uitmaken.

Hoe wordt het mobiliteitsbudget uitgewerkt?

De werkgever beslist of er een mobiliteitsbudget komt en is dus vrij om deze mogelijkheid aan te bieden of niet. Ook de werknemer is niet verplicht om zijn of haar bedrijfswagen in te ruilen voor het mobiliteitsbudget.  Dit virtueel budget wordt berekend op basis van de reële jaarlijkse werkgeverskost van de bedrijfswagen die men opgeeft of waarvoor men in aanmerking komt. Het is dus budgetneutraal: de werkgever betaalt niet meer dan vandaag en de werknemer heeft recht op een identieke tegenwaarde van z’n bedrijfswagen. De werknemer krijgt met het mobiliteitsbudget een ruime keuze aan mobiliteitsopties. Binnen de 2e pijler (inruilen voor duurzame modi of diensten) zijn er talloze mogelijkheden om duurzame én interessante manier te gaan financieren. Op die manier kan het mobiliteitsbudget effectief bijdragen aan een duurzaam mobiliteitsbeleid en wordt het geen nepinstrument.

Doordat de vervoermiddelen binnen de 2e pijler (para-)fiscaal interessanter worden gemaakt dan de wagen in pijler 1 (omruilen in een milieuvriendelijke wagen), wordt de gebruiker gestimuleerd om het auto-matisme te doorbreken en na te denken welk vervoermiddel het meest geschikt is voor welke verplaatsing op elk moment.  

Hoe werkt het?

De hoogte van dat bedrag wordt bepaald op basis van de reële kost van de ingeleverde bedrijfswagen. Een werknemer kan zijn mobiliteitsbudget besteden in drie pijlers. Net zoals bij een Netflix-abonnement, kan je met één budget kiezen uit allerlei mogelijkheden:

Pijler 1: ruil je salariswagen in voor een milieuvriendelijkere wagen (met dezelfde (para)fiscale regels als een bedrijfswagen). De maximale CO2-uitstoot bedraagt 95 gr/km. Deze strikte norm wordt geleidelijk behaald. Voor wie instapt in de loop van 2019 mag de wagen in pijler 1 maximum 105 gr/km uitstoten.

Pijler 2: ruil je salariswagen in voor duurzame vervoermiddelen en -diensten die volledig (para)fiscaal worden vrijgesteld. Zo kan je kiezen voor een elektrische fiets of een monowheel in combinatie met een treinabonnement. Naast fietsen, motorfietsen en het openbaar vervoer, kan je ook kiezen voor een deeloplossing zoals carpooling of autodelen. De werknemer kiest zelf welke vervoersmodi het best bij zijn of haar situatie passen.

Wie binnen een straal van 5 km van de normale plaats van tewerkstelling woont, kan zelfs het huurgeld of de intresten van een hypothecaire lening financieren met het mobiliteitsbudget. Het bedrag dat men in de tweede pijler spendeert, is volledig vrijgesteld van bijdragen voor sociale zekerheid en belastingen.

Pijler 3: tot slot kan je het bedrag dat nog over blijft na invulling van je mobiliteit, omzetten in loon. Hierop betaal je een bijzondere sociale zekerheidsbijdrage van 38,07 %. Op die manier bouw je hiermee ook sociale rechten op.

Het koninklijk besluit dat de praktische uitvoering regelt, moet nog advies krijgen van de Raad van State, vooraleer ook dat goedgekeurd kan worden. Daarnaast moet er nog een website gebouwd worden waarop geïnteresseerden informatie, modaliteiten en antwoorden op praktische vragen vinden. Vermoedelijk zullen de eerste bedrijven er wellicht vanaf het tweede kwartaal, dus vanaf 1 april, mee aan de slag kunnen gaan. 

Bekijk hier het filmpje waarin ik het mobiliteitsbudget toelicht. 

Lees hier het artikel in de Standaard van 28 februari 2019 dat duidelijk uitlegt hoe je het mobiliteitsbugdet als werknemer kan toepassen. 

Categorie: 
 

Twitter

Privacyverklaring

De privacy van onze nieuwsbriefcontacten is belangrijk voor ons. Daarom hebben wij een privacyverklaring opgesteld.